Den Andel, De Jonge Hendrik

Koren- en pelmolen

De Jonge Hendrik werd gebouwd in 1875 met onderdelen van een korenmolen uit Niekerk(Westerkwartier).  In de nacht van 4 naar 5 juli 1874 brandde de Niekerker molen gedeeltelijk af. Bruikbare delen van deze molen werden door molenbouwer J. H. Van der Veen uit Mensingeweer benut voor de molen in Den Andel. In 1875 was de molen weer maalvaardig voor pellen en malen.  Tot in 1983 werd met de molen professioneel gerst tot gort gepeld. Afhankelijk van de windkracht wordt dit hier zo nu en dan nog gedaan.

Tussen 1934 en 2007 is veel verbouwd, verbeterd en weer afgebroken aan de molen; roeden gingen herhaaldelijk verloren en werden opnieuw gestoken, er vond verdekkering plaats en dit werd weer vervangen door een stroomlijnsysteem van Bremer. En ook dit is weer vervangen, nu door Van Busselneuzen.

De laatste grote restauratie werd in 1973, met een officiële ingebruikname, afgesloten. Nadien heeft molenaar Tiddo Muda jarenlang met de molen gemaald en gepeld.

Op de meeste vrijdagen laat de huidige vrijwillige molenaar de molen draaien.

Op de eerste zaterdag van de maand is de molen open voor bezoekers.

Technische gegevens:

1.  8-kante stellingmolen met stenen onder- en tussenstuk, stellinghoogte 7.80 meter,
2.  pel- en korenmolen,
3.  zelfzwichting met remkleppen,
4.  Van Busselneuzen,
5.  Stalen bandvang, wipstok,
6.  Goed windbiotoop,
7.  Rijksmonument 8581.

Voor verdere informatie:  Vereniging De Hollandsche Molen en  Het Groninger Molenhuis.

Adres: Oude Dijk 11, 9956 PA Den Andel.

Molenaars: Janko Doornbos, Jessica Van de Staak, Rennie Gros.

Bezoekmogelijkheid: vrijdag en op de eerste zaterdag van de maand.

Bijgewerkt: april 2015.

P1010465                 IMG_1401

IMG_2079
In de Jonge Hendrik is een korbeel in het gersthok ingesleten door jaren lang langs stromen van de gerst uit de stortpijp
IMG_2078
Onderzijde van het naar beneden staan eind van buitenroede: Stormhaak (onderste rode stang met verstelbare haak) vergrendelt de treklat van de zelfzwichting. Hiermee wordt voorkomen dat de van achter invallende wind bij stil staande molen de kleppen dicht duwt en de molen achteruit gaat draaien